Wednesday, April 25, 2012

Verschroeide Aarde

Ik ben een draak die elke nacht wordt geslacht
en als een zoon Gods weer verrijst uit het vuur der slaap
de as van de ochtend

waarom ik besta is het grijs van de maan
verhuld in waakzame nietszeggendheid
onzichtbare kristallen in de aarde lichten op

De Boom des Toorns, in lentegroen
nog altijd wakend over dat offer
brakende hemelpoort stoot paarden uit

(Ik herinner me de taxirit
het Patriciersgeluk van die nacht
terwijl de oorlog wachtte)

Woede wordt nooit meer ontketend
vrees ik in mijn smeulend hart
en smeek de zwarte nacht om wind.

















Roerend

Het zo zoete klampt zich vast
mijn hart uitgewrongen
Kort nog geleden zag ik de adelaar
wist ik mij te ontzien en haar
bevocht ik het zoete met het beste
uit het ganse Hemelrijk
maar nu sta ik, in mijn laarzen
in het veld.

Ik roer mijn koffie maar niet zoals toen
ik wacht op de arbeid en zink in het heden
de toekomst wordt onzichtbaar
nooit was ik gelukkiger dan heel even
zo zacht kon het leven zijn naar mij
die sterk scheen aan mezelf en ademde
en staarde in het licht waarin kraaien
zich verzamelden voor de grote aftocht
die later volgen zou onder gekrijs
dat ik nooit vergeet.


Tuesday, January 24, 2012

Aan die andere zwoebel

De grote gewesten verschuiven
in dienst van de Boedoeners
de deelgenoot makers, de zandschuivers, de poedersuiker-stuivers
de oliebollenkwekers, de dennebomenschudders, de stoeihaspels van het westen
zij laten hun sporen na.

In de weg geslagen van de wanmoed, het hopeloze kleinrichterschap
de toeterende autoos op het plaveimatje
de regering zwenkt en wacht en zwenkt weer en gaat blurpend ten onder
het legendarische afvoerputje van Homerische vergeteldicht
krukopstoepje, landjepikkem, doe-eens-niet-meetje, hier ben ik.

Driemaster van het hooggebergte
je dalen laven zich aan de wind, afkomstig uit toornige hoogten, nu blazoen
nu palmboom, met banaan en aap en mensheid, gezellig gekeutel
grondsijpten vanderland, aargh!ensoog, dus de zwabber dekt
het gekreemkundig beherrschten, gelekkig, de redetwist makt toe.

Ja dit.
Karrespoor op opperland
de leliegunstige, dauwerlandse traan
de goedgewiekte lach in de blijspeerpuntige zelk-dicht
zilten randen van wonden, scherpe venijnen, kattige ogendoornen
hier is de helft, sta je toe te zijn, de wonderen, de dode.

Teller

HTML hit counter - Quick-counter.net