Toen de goden vielen waren er mensen die ze zagen neerstorten. Sommigen vielen op de kale vlakte, anderen spatten uiteen op rotspieken, en de grootste goden plonsden in zee. Zij waren voor lange tijd verloren, hun geest leefde niet voort in de mensen. Maar de kleinere goden, zij die op de vlakte vielen, werden ontleed door de aasdieren onder de mensen, en die aasdieren werden machtig en heersten lange tijd over het leven van het ras.
Regels werden gesteld, en mensen leefden naar die regels, want ze dachten dat die regels 'menselijk' waren. Ze begrepen zichzelf aan de hand van hun gedrag, en ze maten iedereen daaraan.
Sommige mensen waren ten tijde van de val de bergen ingetrokken en daar vonden ze stukken van dode goden die onder kammen en pieken verspreid lagen. Omdat de klim te moeilijk was om iets mee te nemen namen deze mensen slechts kennis van wat ze zagen, en gingen weer naar beneden. Daar kwamen ze terecht in een mensenwereld die veranderd was. Wetten waren opgetrokken, wetten die een zweem hadden van goddelijkheid, als een zwaar parfum dat over een ongewassen lijf is gesprenkeld. De wetten bevreemdden de klimmers - maar de straten waren ervan vervuld, de mensen keken vol overtuiging uit hun ogen. Overtuigd waarvan?
De goden in de bergen werden verzwegen en na tijden vergeten. Alleen in dromen dienden ze zich nog aan. Maar de mond van de morgenstond verzwolg ze dan weer, en zo ontstond er een verhaal dat zich in het duister van de nacht afspeelde.
Het verhaal van de dag, ondertussen, werd oud en ouder, terwijl de wereld nieuwer en nieuwer werd. De mensen liepen nog vol overtuiging door de straten, maar waarvan zij overtuigd waren werd minder en minder duidelijk. Sommige mensen gingen op zoek naar een nieuw verhaal. Ze keken naar de bergen, ze keken naar de zee. Ze staken kaarsen aan en dronken wijn, en ze dompelden zich in de roes van gemeenstemmigheid, ze bedreven de liefde bij de mooiste muziek die ze konden vinden. En toen begonnen ze te dromen. En verhalen dienden zich aan, en ze lachten om de waanzin van die verhalen. Wie kon zoiets verinnen? Geen mens toch?
Sunday, December 28, 2008
Subscribe to:
Post Comments (Atom)
Blog Archive
-
▼
2008
(45)
-
▼
December
(16)
- met een drankje en een fluitconcert
- zijn huid haar ziel
- sprekend zwijgen
- dat wat
- schoon schip
- echo's van de val
- linksliggend bootje
- Tijd voor een ademtocht
- Op het nieuwe jaar
- de dader dronk thee
- langzaam op stoom
- greyhound
- geheimen die liever zwijgen
- Spot niet met vuur
- In een ruimte: De Vertwijfeling
- het oppakken van de draad
-
▼
December
(16)

No comments:
Post a Comment