Monday, June 13, 2011

2.1

Duivels was de berg en zijn hart trilde luid.
Tevergeefs stonden de bomen nog opgericht met hun stammen en ademden met hun kruinen het leven dat hen als licht geschonken werd uit de Hemel, die zich nu uitspande en de Aarde losliet. Spoedig zouden zij vallen en niemand zou er zijn om het te zien of horen. Maar de berg ziet en hoort en vergeet niet, en daarom sprak hij nu deze woorden, die als rillingen over de huid van de Aarde trokken.

Vergeefs heeft gij verstoten, de Uwen!
Vergeefs heeft gij gedacht, dat ik zou wijken!
Vergeeft heeft gij gepredikt uw grenzeloze beloften!

En toen zweeg de berg en had zijn boosheid wortel geschoten onder zijn vesten
en de wateren die hun onvatbare wegen door de gewelven banen beefden en zonken dieper in de Aarde en raakten het vuur, en sissende dampen vulden de gewelven nu, en spoedig was het stoom doorgedrongen totin de kortst en maakte het land vruchtbaar. Zo kwamen de ruimten onder de Heere leeg te staan.

No comments:

Teller

HTML hit counter - Quick-counter.net